Buitink Beleidsadvies - in zorg en welzijn
Jaap Buitink, senior adviseur & trainer in professionaliteit en
beroepsethiek
Jaap Buitink, senior adviseur & trainer, expert op
het gebied van:
hanteren van de beroepscode & beroepsethiek in de dagelijkse praktijk van
hulpverleners; zowel in relatie met cliënten als in relatie met
samenwerkingspartners of de organisatie
geven van trainingen
over beroepsethiek (trainingen i.s.m. met de
NVMW; ook in company).Voor meer info: klik
hier.
! ! !
Het laatste
nieuws: ! ! !
Moord op juwelier: 'Sociaal werkers werken in stilte. Tot er doden
vallen'
08-05-2012: De moord op een juwelier door ex-cliënten van de jeugdzorg was
weer eens aanleiding voor het aan de schandpaal nagelen van de jeugdzorg,
i.c. de jeugdzorgwerkers. En hoe waar veel klachten over de kwaliteit van
de jeugdzorg en overig sociaal werk mogelijk zijn: die klachten raken
rechtstreeks het imago van jeugdzorgwerkers, sociaal werkers, die met veel
hart voor hun cliënten aan het werk zijn.
Lia van Doorn schreef het al: 'Sociaal werkers werken in stilte. Tenzij
het misgaat en er doden vallen'. Dan zijn de rapen gaar; en ja wel,
het is weer zo ver.
“De Jeugdzorg in Nederland moet op de schop. Er gaat te veel mis, maar
niemand voelt zich echt verantwoordelijk. Het amateurisme viert hoogtij,
de organisaties zijn versnipperd en in zichzelf gekeerd en de
professionals hebben geen idee van het effect van hun werk. Ouders en
kinderen zijn de dupe.” Deze harde aanklacht komt van Corine de Ruiter
(51), hoogleraar Forensische psychologie in Maastricht en betrokken bij
een aantal projecten in de jeugdzorg. Voor haar is naar aanleiding van de
vreselijke moord op de juwelier de maat vol.'Iedereen in Nederland zit
te snurken. Het wordt tijd dat we wakker worden.” Aldus de Volkskrant op
7 mei jl.
Veel sociaal werkers geven aan dat hun werk niet gemakkelijk is. Ze komen
regelmatig voor flinke morele dilemma’s te staan. Maar krijgen ze
voldoende ondersteuning in hun werk? Krijgen ze de professionele autonomie
die hen toehoort? Kunnen ze de kwaliteit leveren die nodig is voor dit
zware werk?
Lees hier het hele artikel (inclusief links naar het artikel uit de
Volkskrant en voorbeelden van dilemma’s in de jeugdzorg).
“Naast werkers en docenten moeten ook managers ‘Moresprudentie’ lezen!”
De boekpresentatie ‘Moresprudentie – Ethiek en beroepscode in het
sociaal werk’ op 13 maart jl. bij uitgever ThiemeMeulenhoff
trok flinke belangstelling onder uitvoerend werkers en docenten. Drie
deskundigen op het gebied van sociaal werk en ethiek presenteerden hun
visie op het boek en het belang van ethiek en de beroepscode in het werk.
Lia van Doorn – lector innovatieve maatschappelijke
dienstverlening - stelde dat vragen over ethiek in het dagelijks handelen
van de beroepsbeoefenaar lang niet altijd leidt tot ruggespraak, reflectie
en ruimte voor morele oordeelsvorming. Persoonlijke ontwikkeling en
professionele oordeelsvorming vragen van iedere sociaal werker kracht en
identiteit om als vertegenwoordiger van de beroepsgroep de code eervol in
te zetten in het dagelijks werk met cliënten. “Sociaal werkers hebben
grote behoefte aan de ontwikkeling van moresprudentie; aan ijkpunten om
hun eigen ethisch handelen aan te kunnen toetsen”, aldus Lia van Doorn.
Afra Groen, deskundige jeugdzorg en bestuurslid NVMW, stelde
dat ethiek niet alleen een belangrijk onderwerp is voor de opleidingen in
het sociaal werk, maar dat het essentieel is in de uitvoering van het werk
in de sociale sector. De beroepscode verdient dan ook veel aandacht want
uit onderzoek blijkt dat sociaal werkers lang niet altijd op de hoogte
zijn van hun (nieuwe) beroepscode.
Lies Schilder zei blij te zijn om als nieuwe directeur van
de NVMW gelijk zo’n belangrijk boek te mogen verwelkomen: de NVMW is nauw
betrokken geweest bij de realisatie van dit boek, waarin ook de
beroepscode uitvoerig wordt behandeld. Beroepsethiek en de beroepscode
zijn noodzakelijke voorwaarden om betere samenwerking in de
beroepspraktijk te realiseren. In de uitvoering van het sociaal werk
hebben werkers vaak een eenzame positie, met name in de ambulante
uitvoering van het werk, maar de sterren in de sociale sector worden
vooral verdiend in de gezamenlijkheid. Volgens Lies Schilder zijn er drie
voorwaarden om als sociaal werker professioneel en ethisch verantwoord te
werken: een stevige beroepsidentiteit, lerende organisaties en een goed
boek, zoals ‘Moresprudentie’. Zij pleit er voor dat naast uitvoerend
sociaal werkers, ook managers en werkbegeleiders zich de tekst van het
boek eigen maken.
Info:wilt u meer over ‘Moresprudentie’ weten of het boek bestellen?
Zie
deze link.
Wilt u Moresprudentie direct bestellen? Moresprudentie is
beschikbaar bij
Bol.com.
Basis in beroepsethiek is samenwerking met de
cliënt
Tijdens het symposium ‘Ethiek sterkt je in je werk’ bepleitte
ethicus Jos Kole voor aandacht voor de positie van de cliënt in de
ketenzorg. Jeugdzorg is, zoals vele zorg, ethisch geladen. Een
belangrijke basis in de beroepsethiek is de samenwerking met de cliënt.
Dat hoort ook zo te zijn bij de ketenzorg. Kole onderscheidt twee aspecten
in de ketenzorg: geheimhoudingsplicht en verantwoordingsdeling. Bij de
zwijgplicht gaat het altijd om zoveel mogelijke investering in een
vertrouwensrelatie met de cliënt; dus al het handelen zo veel mogelijk in
samenspraak met de cliënt. Bij verantwoordingsdeling gaat het niet om de
professional of de instelling als eerste verantwoordelijke in de
ketenzorg, maar om de cliënt; deze – i.c. het gehele cliëntsysteem – is
eerste verantwoordelijke en dient dus ook eigenlijk de regie te voeren
over de ketenzorg. Protocollen gericht op samenwerking zonder
betrokkenheid van de cliënt zijn slechte protocollen.
Het symposium werd georganiseerd door de CNV en de Hogeschool Utrecht
i.s.m. ‘Met Waarden Helen’. De CNV geeft op haar website MijnVakbond
aandacht aan ethiek en verzamelt o.a. dilemma’s in de jeugdzorg.
Info:
CNV/MijnVakbond / Met
Waarden Helen
Training 'Werken
met de Beroepscode':
'We zijn wakker geschud' & 'Leerzaam'!
Wat doe je als:
· Een cliënt terloops zegt dat zijn
partner fraudeert met een uitkering?
· De werkgever als beleid stelt dat
de hulpverlening eindigt als een cliënt een afspraak afzegt?
· Collega’s beroepswaarden, zoals
permanente educatie of geheimhouding, aan hun laars lappen?
· Een cliënt je uitnodigt voor een
concert van jouw favoriete band waarvoor hij gratis kaartjes heeft?
· Je signaleert dat een wijkagent
structureel nieuwe Nederlanders discrimineert?
Elke sociaal werker
zal zijn/haar beroepscode moeten kennen en moeten kunnen hanteren. De
Beroepscode geeft richting aan en houvast in het dagelijks werk als
professional; zowel in de directe hulpverlening als in het contact met de
werkgever, collega's of samenleving. Maar hoe gericht gebruik je de code
in je dagelijks werk? Hoe kun je ethische dilemma’s goed afwegen?
Daarvoor organiseert de Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk Werkers
(NVMW) i.s.m. Buitink Beleidsadvies de training: ‘Hulpmiddel
of hindernis? Werken met de nieuwe beroepscode’. Trainer is
Jaap Buitink (samensteller van de herziene beroepscode) en medeauteur van
het boek
Moresprudentie.
In de training word je aan de hand van casussen getraind in moreel
beraad en het hanteren van een stappenplan
en de Beroepscode om een ethisch dilemma te ‘ontleden’.
De reacties op de trainingen tot nu toe zijn zeer positief; bijvoorbeeld:
Ø
Heel leerzaam
Ø
Leuke afwisseling in training
Ø
Helder, leerzaam, bruikbaar in praktijk in kennisoverdracht aan collega’s
Ø
De training is goed voor de bewustwording.
Ø
2,5 uur is zelfs te kort
Ø
Training biedt uitnodiging om er zelf mee aan de slag te gaan in team
Ø
We zijn weer wakker geschud
Ø
Casussen maken de code ‘levend’.
Alle deelnemers
raden de training aan!
De NVMW organiseert de training (kijk voor meer informatie in de NVMW-agenda op
www.nvmw.nl).
De training kan ook binnen organisaties (in company) worden gevolgd.
Heeft u vragen over deze training? Voor inhoudelijke vragen:
jbuitink@xs4all.nl en voor
organisatorische vragen: Magteld Beun,
NVMW,
tel. 030-294
86 03 of mail met
maatswk@nvmw.nl
Klik hier voor een
impressie van een deelnemer (zie linkerkolom: 'Nieuws')
Klik hier voor een artikel in Maatwerk over 'Mondige
professionals'.
Sociaal
werkers zien noodzaak van meer generalistisch werken
28-01-2012: “Op allerlei plekken in Nederland werken sociaal werkers aan
vernieuwing”, schrijft journalist Martin Zuithof op zijn weblog: “Iedereen
zegt uit te gaan van de cliënt, aan te sluiten op diens eigen kracht en
outreachend te werken”. Deze opstelling sluit aan bij het programma
Sociaal Werk in de Wijk. Eén van de onderdelen van dat programma is
'De nieuwe professional. De methodische toerusting van de generalist'.
Voor dit onderdeel worden interviews gehouden, die tal van inspirerende
verhalen en duidelijke trends opleveren. Bijvoorbeeld dat vernieuwende
instellingen en hun werkers bij voorkeur een werkplek kiezen midden in de
wijk, van waaruit ze niet alleen toegankelijker zijn voor cliënten, maar
ook nauwer kunnen samenwerken met andere disciplines in de wijk.
Outreachend werken is heel normaal geworden, maar nog niet iedereen durft
het, vertelt Hester Bats, maatschappelijk werker bij MD Veluwe in Ede.
De slogans van het Nieuwe Welzijn worden door sommige ervaren werkers
gerelativeerd. Zo zegt Marcel Bakker, maatschappelijk werker in de
Dommelregio: ‘Zelfredzaamheid en eigen kracht zijn mooie slogans, maar
soms is het gewoon nodig om er veel tijd in te steken en vaker bij de
klant langs te gaan. Ik heb de vrijheid nodig om het op mijn manier te
doen.’ Sociaal werkers hebben meer professionele vrijheid nodig om
cliënten goed te kunnen helpen.
De geïnterviewde professionals zien ook de noodzaak in van meer
generalistisch werken. Het programma Sociaal Werk in de Wijk (SWW) wil de
komende vier jaar een impuls geven ter versterking en bevordering van de
professionele kwaliteit van sociaal werk in de eerste lijn.
Auteur: Martin Zuithof. Bron: zie artikel ‘Sociaal
werk laat trend tot verbreding zien’
Vragen over privacy
Sociaal werkers hebben soms moeite met ontwikkelingen als outreachend
werken of meer samenwerken, omdat ze menen dat dit vanuit hun beroepscode
niet altijd zou mogen. Het boek ‘Moresprudentie’ – over ethiek en
beroepscode in het sociaal werk – gaat in op thema’s als professionele
autonomie en het hanteren van de beroepscode bij o.a. outreachend werken
en samenwerken. Een aspect als het idee de privacy van (potentiële)
cliënten te schenden bij het ongevraagd contact zoeken met cliënten komt
bijvoorbeeld aan de orde:
‘Sociaal werkers lossen dit op door zodra er daadwerkelijk contact met de
cliënt is gelegd, in begrijpelijke woorden te vertellen welke waarden op
het spel stonden en welke stappen er eerder al zijn gezet. Die voet tussen
de deur is dus nodig om een proces van sociale activering op gang te
krijgen. Sociaal werkers bevestigen dat cliënten vaak achteraf zeggen blij
te zijn dat er hulp langskwam.’, aldus een citaat uit
Moresprudentie (Buitink, Ebskamp &
Groothoff, 2012).
Mooie uitdagingen
01-01-2012: Opleidingen en uitvoerend werk staan voor
grote vraagstukken. Bezuinigingen, hoge werkdruk, spanningen over de
professionele autonomie binnen organisaties of het hanteren van de
geheimhoudingsplicht in samenwerkingsrelaties en last but not least de
continue zware verantwoordelijkheid om cliënten sociaal weerbaarder te
maken in een tijd waarin veel van die cliënten het sociaalmaterieel
moeilijk zullen krijgen.
Toch biedt dat sociaal werkers, managers en begeleiders van professionals ook mooie uitdagingen. Want hoe pakken we deze moeilijke
vraagstukken aan? Alle ruimte voor creativiteit en nieuwe ontwikkelingen.
Daarbij is het van groot belang goed te kijken naar de mogelijkheden om de
professionaliteit onder professionals te versterken. En de beroepsethische
vragen bij alle spanningen goed onder ogen te zien en daarvan te leren.
Het jaar 2012 brengt in ieder geval wat perspectief bij al deze
uitdagingen: een nieuw boek over het omgaan met beroepsethische vragen in
het werk met cliënten, met samenwerkingspartners en met de werkgever. Het
boek, met de titel Moresprudentie, gaat bijvoorbeeld in op
thema's als professionele autonomie, geheimhoudingsplicht bij samenwerking
of het belang van (meewerken aan) professionaliteit en kennis delen. Maar bovenal is dit boek een
naslagwerk en geeft het lezenswaardige (basis-)informatie over beroepsethiek met veel
aandacht voor casussen. In een onzeker jaar als 2012 - met ongetwijfeld
ook morele vragen - brengt het boek een beetje
houvast.
Informatie:
Moresprudentie
(met onder de links meer informatie over de inhoud)
Wat is de overeenkomst tussen Johan Cruijff en Geert
van der Laan?
28-11-2011:Aan de ordinaire machtsstrijd bij Ajax schenken we hier geen
aandacht. Maar er is wel een opvallend aspect van die machtsstrijd dat
lijkt op de spanning hier en daar tussen maatschappelijk werkers - en
andere sociaal werkers - met werkgevers over de invulling van het begrip
‘professionele autonomie’. Analoog daaraan lijkt er een overeenkomst te
bestaan tussen twee ‘iconen’ in respectievelijk het voetbal en het
maatschappelijk werk: Johan Cruijff en Geert van der Laan.
Cruijff beweert dat het technisch beleid bij Ajax moet worden bepaald door
professionals met ervaring: 'Managers die geen verstand van voetbal hebben
moeten zich alleen bemoeien met financiële zaken'.
Van der Laan pleit voor een herstel van de professionele logica en het
teruggeven van vertrouwen en verantwoordelijkheid aan de professional (Van
der Laan, Maatschappelijk werk als ambacht). Hij meent dat
ambachtelijkheid pure noodzaak is als tegenhanger van de rationalisering
in het werk: “Ambachtelijkheid is gebaseerd op dat wat werkt, een
technocratische benadering niet”. En: “De organisatie lijkt vaak
belangrijker dan het werk op de werkvloer; professionals worden te weinig
als experts gezien”. Zinnen die, met zoveel woorden, uit de mond van
Cruijff hadden kunnen komen. Wat betreft de verbale, strategische en
overige kwaliteiten houden de overeenkomsten tussen deze twee iconen hier
overigens wel op.
Vanuit hun beroepsethiek zullen maatschappelijk werkers samen met
managers moeten kijken hoe de waarde van professionele logica in de
praktijk gerealiseerd kan worden. Dat is nodig, want ik hoor regelmatig
dat werkers nog worden geconfronteerd met beleidsmaatregelen die haaks
staan op hun visie over wat professioneel verantwoordelijk handelen
inhoudt. Gelukkig lijken werkgevers ook steeds meer in te zien dat
aandacht voor professionele autonomie en beroepsidentiteit noodzakelijk is
(Marijke Vos, voorzitter MOgroep in Zorg+Welzijn, nr. 10, 2011).
Hoe de machtsstrijd bij Ajax ook afloopt, laten maatschappelijk werkers
blijvend de visie van hun icoon Geert van der Laan in gedachten houden,
maar binnen hun organisatie daarbij een machtsstrijd als bij Ajax proberen
te voorkomen. Want een dergelijke strijd levert slechts verliezers op.
Nieuwe website over
professionalisering
01-08-2011: De nieuwe
website
Professionaliseren in welzijn
geeft informatie over beroepsontwikkeling, opleiding,
scholing en feiten en cijfers binnen de branche Welzijn & Maatschappelijke
Dienstverlening. Met onder andere ingrediënten om het beroep de nodige
professionaliseringsimpulsen te geven, landelijke initiatieven op het
gebied van professionalisering en een overzicht van relevante
organisaties.
Zie:
www.professionalisereninwelzijn.nl
Dag van de Maatschappelijk Werker was succes
27-05-2011:
Maatschappelijk werkers zijn niet weg te denken uit het sociaal
beleid en onze samenleving. Zij hebben hun bestaansrecht meer dan bewezen.
Op 26 mei 1962 werd de eerste Beroepscode voor de Maatschappelijk werker
een feit. De beroepscode is dé basis voor goed en professioneel
maatschappelijk werk in het verleden, nu en in de toekomst. En daarop zijn
maatschappelijk werkers met recht trots. De NVMW vierde op 26 mei 2011 voor de
tweede maal de Dag van de Maatschappelijk Werker.
Bron en meer info:
www.dagvandemaatschappelijkwerker.nl
Zie ook interview met een maatschappelijk werker in Spits:
www.nvmw.nl/Spits.pdf
Jos van der Lans praat NVMW crisis aan: 'Weinig
constructief!'
14-03-2011:Crisis bij de beroepsvereniging van maatschappelijk werkers?
Publicist Jos van der Lans ziet tien argumenten met ‘afdoende bewijs’ voor
zo’n crisis (TSS – jan. 2011).
Jaap Buitink meent dat Van der Lans zijn argumenten niet hard maakt en
door zijn afbrekende aanpak de dialoog over de toekomst van het sociaal
werk smoort: weinig constructief!
Lees hier het artikel
Niet iedereen die in de put zit, heeft
een zware depressie
17-02-2011: Te veel mensen die een psychisch probleem hebben, krijgen een
psychiatrische behandeling. In zijn oratie die hij dinsdag uitsprak
pleitte professor Peter Verhaak voor een onderscheid tussen ernstige
psychiatrische aandoeningen en levensproblemen die begeleiding vragen van
de huisarts.
De rol van de huisarts als vertrouwde hulpverlener blijft cruciaal. Deze
moet wel steun hebben van praktijkondersteuners en eerstelijnspsychologen,
maatschappelijk werkers en sociaal psychiatrisch verpleegkundigen.
Lees
hier meer.
Het verhaal achter het verhaal van Brandon, vastgeketend
aan de muur
20-01-2011: Het verhaal is bekend van tv en krant: de 18-jarige
verstandelijk gehandicapte Brandon met een
riem vastgeketend aan een
muur. Iedereen denkt er het zijne van. De Tweede Kamer beraadt zich met
spoed en staatssecretaris belooft verandering van beleid.
Maar er zit een verhaal achter dit verhaal: het feit dàt het
verhaal naar buiten komt! Daar zit een beroepsethische keuze achter. Een
sociaalagogisch werker zorgde dat het verhaal van Brandon op de
maatschappelijke agenda kwam te staan. De samenleving behoort te weten wat
er aan de hand is en hoe we hier mee om willen gaan. Prima werk dus van de
sociaalagogisch werker!
Zie meer op
CasusConsult
Maatschappelijk werker krijgt na 27 jaar zijn juridisch
èn beroepsethisch gelijk
Fred Spijkers
bewijst belang beroepsethiek en professionele autonomie
29-12-2010: Fred Spijkers, maatschappelijk werker en de
eerste bekende klokkenluider in Nederland heeft na 27 jaar zijn juridisch
gelijk gehaald. In 1984 weigerde hij de weduwe van een verongelukte
militair voor te liegen over diens dood. In 2002 kreeg hij al eerherstel,
in 2010 volgt alsnog zijn juridisch gelijk. De nieuwsmedia geven eind 2010
bij dit berich geen aandacht aan de beroepsethische kant van het verhaal.
Voor maatschappelijk werkers (en andere hulpverleners) is de handelwijze
van Spijkers en de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep een
onderstreping van het belang van duidelijke beroepsethische richtlijnen,
waaronder professionele autonomie.
Lees hier verder:
CasusConsult
of:Zorg+Welzijn:/Ethische-richtlijnen-van-de-hulpverlener
‘Investeren in maatschappelijk werk levert meer op dan in psychiatrie.’
06-12-2010: ‘Geef mensen die vastlopen liever een coach dan een
psychiatrische behandeling’, stelt Hans van Ewijk in zijn oratie als
bijzonder hoogleraar ‘Grondslagen van het maatschappelijk werk’ aan de
Universiteit voor Humanistiek. In het blad ‘Psy’ zegt Hans van
Ewijk het zorgelijk te vinden dat we in Nederland veel meer mensen in
psychiatrische klinieken stoppen dan in ons omringende landen: ‘We
concentreren ons op het behandelen van stoornissen. Psychiatrische
instellingen boeken daar maar beperkte resultaten mee. Mensen met een
psychiatrische aandoening hebben er vaak meer aan als ze geholpen worden
om in hun eigen omgeving te functioneren. Investeren in maatschappelijk
werk levert meer op dan investeren in de psychiatrie.’
In reacties op het artikel krijgt Van Ewijk duidelijk bijval. Hieronder
enkele reacties:
Ø
Het beste advies sinds jaren op het gebied van hulp voor
mensen met pyschische klachten. Mensgericht, praktisch en doelmatig.
Ø
Heel juist en goed verwoord stuk. Misschien gaan de
gezaghebbers in de klinieken nu ook eens nadenken.
Ø
Een maatschappelijk werker kan, in heel erg veel
gevallen, zeer veel meer doen dan het slikken van zeer verslavende
middelen als anti-depressiva of andere anti-psychotica.
Ø
Eindelijk weer eens een verhaal dat getuigd van gezond
verstand in een GGz-wereld die bol staat van het verplaatsen van komma's
om daarmee 'wetenschappelijk' te scoren.
Ø
Helemaal mee eens! Als men in de GGz-instelling 14 jaar
geleden gekeken had naar de hulpvraag die ik gesteld had i.p.v. me eerst
vol te stoppen met medicatie had ik nu waarschijnlijk het leven gehad dat
ik wilde hebben.
Ø
Ik ben blij met het inzicht van Hans van Ewijk.
Lees het artikel in Psy plus de reacties:
www.psy.nl
Maatschappelijk werker bij top-3 van meest depressief makende banen...
'Gevangen professional moet zichzelf bevrijden!'
14-10-2010: De ‘gevangen professional’ moet zichzelf bevrijden uit de
steeds beperkter wordende professionele ruimte die organisaties geven. De
beroepsgroep maatschappelijk werkers geeft in haar nieuwe ethische
Beroepscode duidelijk aan dat professionele autonomie nodig is als
voorwaarde voor zorgvuldige zorg- en dienstverlening.
Maar tegelijkertijd zegt deze groep professionals dat professionele
vrijheid geen vrijbrief is om naar eigen believen te kunnen handelen.
Het nieuwe kabinet zal professionals moeten ondersteunen met een
investering in professionaliteit. Want alleen inzetten op minder
bureaucratie helpt niet.
Lees het artikel van Jaap Buitink en reacties daarop in het blad
Zorg+Welzijn
Gevangen-professional-moet-zichzelf-bevrijden
Presentatie Beroepscode voor de maatschappelijk
werker op congres NVMW
14-10-2010: De Nederlandse Vereniging
van Maatschappelijk Werkers (NVMW) presenteerde de nieuwe Beroepscode voor
de maatschappelijk werker tijdens het jaarlijks congres op 14 oktober
j.l.. Voorzitter Theo Roes overhandigde het eerste exemplaar aan Lia van
Doorn, lector innovatieve maatschappelijke dienstverlening en actief
pleitbezorgster van meer morele oordeelsvorming. Zij onderstreepte het
belang van de beroepscode. Onder verwijzing naar het bekende boek van
voormalig bijzonder hoogleraar maatschappelijk werk Geert van der Laan zei
ze dat maatschappelijk werkers moeten 'Leren van gevallen met de
beroepscode in de hand!'.
Theo Roes benadrukte het belang om als professional zelf op te komen
voor het eigen beroep en de beroepswaarden, zoals omschreven in de
beroepscode, ook na te komen. Hij verwees daarbij naar een eerder artikel
van zijn hand in vakblad Maatwerk waarin hij maatschappelijk
werkers opriep om in actie te komen als opvattingen van de PVV tot het
minder tot hun recht komen van burgers leidt: 'werkers zouden hierover
meer naar buiten moeten treden'.
Tijdens dit congres legde Jos Kole, ethicus en filosoof uit hoe
beroepstrots, beroepsregistratie, beroepscode en beroepsidentiteit met
elkaar samenhangen. Hij richtte zich daarbij vooral op (hernieuwde)
Beroepscode; wat is zijn nut? Waarom is hij nodig en zelfs noodzakelijk?
Verder deze dag meer inleidingen en workshops, waaronder de workshop 'Houvast
of hindernis: werken met de nieuwe Beroepscode van de Maatschappelijk
Werker door Jaap Buitink (projectleider van het NVMW-project
'Herziening beroepscode"). Zie item hieronder voor de meest essentiële
wijzigingen in de nieuwe beroepscode.
Meer informatie:zie de website van de:
NVMW
Maatschappelijk werkers hebben nieuwe
beroepscode
Signaleringsplicht in beroepscode opgenomen
01-07-2010: De leden van de Nederlandse Vereniging van
Maatschappelijk Werkers (NVMW) hebben in hun ledenvergadering een nieuwe
beroepscode vastgesteld. Gedurende een ruim anderhalf jarig project is met
ruime inspraak van leden en deskundigen gewerkt aan de herziening van de
beroepscode.
Wat zijn de meest essentiële wijzigingen in de nieuwe Beroepscode voor
de maatschappelijk werker?
-
cliënten stimuleren om hun eigen
verantwoordelijkheid op te pakken om tot hun recht te komen (empowerment)
wordt in artikel 1 toegevoegd aan de centrale waarde
-
de professionele autonomie van de
maatschappelijk werker krijgt een duidelijkere plaats
-
het blijvend leren en reflecteren
als professional wordt concreet verwoord (incl. morele oordeelsvorming)
-
de norm over respect is verhelderd,
inclusief het aspect van keuzevrijheid van de cliënt
-
de artikelen over vertrouwelijkheid zijn
aangescherpt en geordend
-
de functie van het dossier komt beter
tot zijn recht
-
de positie van de gedwongen
hulpverlening is op diverse punten verduidelijkt
-
een geheel nieuw hoofdstuk ‘De
verhouding tot de samenleving’ met de signaleringsplicht is
toegevoegd, welke de maatschappelijke functie van het beroep als
beroepswaarde bekrachtigt.
De projectleiding van
het project Herziening Beroepscode voor de maatschappelijk werker was in
handen van Buitink Beleidsadvies. De NVMW organiseert i.s.m. met
Buitink Beleidsadvies ook trainingen in het leren werken met de
Beroepscode in de praktijk.
Meer informatie:zie de website van de:
NVMW
Professionalisering in jeugdzorg leidt tot rust en
resultaat
22-03-10:
Het stelsel van de jeugdzorg, in al zijn hoedanigheden, is al zeker
vijftien jaar onderwerp van discussie. Een veelheid aan maatregelen ten
spijt, is het rumoer niet gaan liggen, maar verder aangewakkerd. Hoe komt
dat?
Ton Monasso betoogt dat het kernprobleem van de jeugdzorg – een
onduidelijke en lage effectiviteit – nog niet is opgelost. Gerichte
maatregelen die de effectiviteit inzichtelijk maken en vergroten, waarbij
professionalisering voorop staat, kunnen de jeugdsector weer in rustiger
vaarwater brengen.
Hoge maatschappelijke verwachtingen in een context van onduidelijke
effectiviteit en een laag niveau van professionalisering leiden tot
politisering en proxysturing. De gezondheidszorg biedt een mooi
perspectief op sterke beroepsverenigingen en een hoogwaardige toegang met
specialistische achtervang.
Het werken aan een grotere
effectiviteit en professionaliteit zal de nodige consequenties hebben voor
organisaties, professionals en wet- en regelgeving. Het schept
mogelijkheden voor en stelt eisen aan professionals, jeugdzorgaanbieders
én overheden.
Uiteindelijk zal het echter tot meer rust leiden. Als de sector zelf goed
kan onderbouwen welke waarde zij toevoegt, is er uiteindelijk minder
beleid nodig. Er hoeft dan niet meer voor de sector te worden gedacht,
maar de jeugdzorg kan haar eigen zaken regelen.
Lees het hele artikel - dat ook verscheen in
Jeugdbeleid (maart 2010) - van Ton Monasso (en een reactie
daarop)
HIER.
Meer disciplines voor psychische hulp in de eerste lijn
08-03-2010:
Uit een onderzoek van het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van
de gezondheidszorg) blijkt dat in toenemende mate de zogenaamde
praktijkondersteuner geestelijke gezondheidszorg in de huisartsenpraktijk
(POH-GGZ) en de sociaal psychiatrisch verpleegkundige (SPV) de
aanpak van psychische problemen in de huisartsenpraktijk voor hun rekening
kunnen nemen.
Waar blijft de rol van de maatschappelijk werker in dit verhaal?
Zie meer tekst
hier.
"Herijking rol
maatschappelijk werk nodig"
01-02-10: Margot Scholte,
lector Maatschappelijk Werk aan de Hogeschool INHolland, pleitte in haar
lectorale rede voor een herijking van de rol van het maatschappelijk werk
in Nederland. Volgens Scholte wordt het sociaal beleid in Nederland te
lang geteisterd door een hardnekkig virus: de oplossingen voor problemen
waar mensen mee kampen worden steeds complexer. “Complexe oplossingen zijn
een probleem op zich geworden. Maatschappelijk Werk bij uitstek de
werksoort is die de paradoxale weg terug én vooruit kan leiden.
Maatschappelijk werk doet meer met minder. Maar dan is er wel nog wat te
sleutelen aan de professie. Het is de hoogste tijd dat het maatschappelijk
werk volwassen wordt en haar beroepstrots hervindt.”
Bij de herijking vindt Margot Scholte het
belangrijk om uit te gaan van 'oude waarden'. Vanuit een vaste, historisch
verankerde kern formuleert zij de kracht van maatschappelijk werk voor de
complexe vraagstukken in de eerste decennia van de 21e eeuw. De kracht van
maatschappelijk werk is 'meer doen met minder'. De nadruk ligt op eerder
ingrijpen en bijvoorbeeld te kiezen voor de meest voor de hand liggende
simpele oplossingen. “Als generalist zijn maatschappelijk werkers bij
uitstek in de positie om vanuit perspectief van de cliënt mee te denkenen
hulp te bieden waar nodig. Meer dan tot nu toe het geval is, zal de
maatschappelijk werker daarbij vanuit een persoonlijk, professionele
betrokkenheid de informele leiding naar zich toe moeten trekken.”
Volgens Scholte verandert er pas iets op
het moment dat het maatschappelijk werk haar kernwaarden opnieuw stevig
verankert in haar handelen en creatieve oplossingen verzint en blijft
verzinnen en toepast die eigen zijn aan haar professionaliteit. Haar
lectoraat gaat daaraan bijdragen door het thema te agenderen in beleid,
praktijk en in opleidingen en door het experimenteren met goed voorbeelden
in uitvoeringspraktijk en in het onderwijs rond het social work in het
algemeen en het Maatschappelijk Werk in het bijzonder.
Bron (en meer informatie):
http://www.inholland.nl
Vertrouwelijke informatie op straat...; hoe gaan
we om met vertrouwelijke info?
17-12-09: Informatie over vijftig gevallen van huiselijk geweld in
Zuidoost-Brabant is gisteren terechtgekomen bij Belgische en Nederlandse
media. Het betreft uiterst gevoelige informatie die alleen naar de
psychiatrische instelling GGzE, de politie, de Reclassering en het
verslavingsinstituut Novadic-Kentron verzonden had mogen worden.
De informatie kwam bij diverse kranten en omroepen terecht nadat een
medewerkster van DommelRegio, een regionale stichting voor maatschappelijk
werk, deze per ongeluk per e-mail had verzonden aan hen. De
informatie zou nodig zijn voor een vergadering van het coördinatieteam
huiselijk geweld.
Bron:
fok.nl/nieuws
Meningen over de beroepscode voor de
maatschappelijk werker
15-09-09: De NVMW heeft een document met meningen over de beroepscode voor
de maatschappelijk werker samengesteld. Een interessant document voor
studenten, professionals en managers.
Door een toenemend aantal signalen en vragen van binnen en buiten de
vereniging over de inhoud en de bruikbaarheid van de huidige beroepscode
(1999) actualiseert de NVMW op verzoek van het bestuur, en met subsidie
van het OAMW, de Beroepscode.
Inmiddels zijn er regionale bijeenkomsten gehouden voor de verschillende
werkvelden met de belangrijkste deskundigen op dit gebied: de
maatschappelijk werkers zelf. Ook is een literatuurstudie uitgevoerd en
werden deskundigen uit jeugdzorg, maatschappelijke opvang, ethiek en
rechten geraadpleegd. In het najaar nodigt de NVMW haar leden uit om het
concept te bespreken. Informatie hierover volgt. Het document is
hier
gratis te downloaden.
Voor meer informatie over het project Herziening Code:
www.nvmw.nl
Projectleider van dit project is Jaap Buitink
van Buitink Beleidsadvies.
Bertje Jens, maakster Code voor maatsch.werkers en Pieterpad, overleden
22-08-09: De ontwerpster van de Code voor de maatschappelijk werker,
Bertje Jens is op 19 augustus jl. op 95-jarige leeftijd overleden. Bertje
Jens was een belangrijk persoon voor de professionalisering van het
maatschappelijk werk in Nederland. Behalve het ontwikkelen van de eerste
Code schreef ze o.a. ook het boek Beroepsethiek en Code van de
maatschappelijk werker.
Daarnaast was Bertje Jens bekend als medebedenkster van het Pieterpad. Het
bekendste lange afstandswandelpad van Nederland.
Zie ook:
Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk Werkers, NVMW:
In memoriam
Marie Kamphuis Stichting;
Hall of Fame: Bertje Jens
Wikipedia:
Bertje Jens
CasusConsult: met een
herinnering aan Bertje Jens van Lou Jagt
“Grote mond opzetten!”
20-01-09:Publicist Jos van der Lans was duidelijk tijdens de
nieuwjaarsbijeenkomst van de Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk
Werkers (NVMW): “De beroepsvereniging heeft kansen genoeg om uit haar
marginale positie te komen: leg de nadruk op permanente bijscholing,
ontwikkel een frisse kijk op de professie, zie de werkgevers als
coalitiepartners en zet meer een grote mond op!”
"Geef duidelijker aan wat
jullie als professionals vinden van bepaalde ontwikkelingen."
Tegenover de lage organisatiegraad van professionals staat het groeiend
besef bij werkgevers om het professioneel kapitaal te koesteren. Maar Van
der Lans meent dat er meer nodig is om de professionaliteit van de
professional te verbeteren. Daarvoor moet de professional ook zelf
veranderen: zich meer bewust worden van de eigen mogelijkheden en kansen.
Er moet ook een andere vorm van managen komen, een andere vorm van
kennisverzameling ook en ten slotte een andere vorm van bestuurlijke
sturing.
Als ‘nieuwe legitimatie’ stelt de cultuurpsycholoog, publicist, journalist
en ex-Eerste Kamerlid maatschappelijk werkers voor om meer als
verbindingsmakelaar op te treden. “Verbind sterk met zwak, succesrijk
met succesarm, kennisoverschot met kennistekort. Als voorbeeld verwees hij
naar de ‘Weekendschool’ in Amsterdam. Dit is een school voor jongeren uit
sociaaleconomisch achterblijvende buurten. Op de weekendschool krijgen zij
drie jaar lang elke zondag les van gastdocenten/professionals, met als
doel o.a. het verbreden van perspectieven, het versterken van
zelfvertrouwen en het vergroten van de verbondenheid met brede lagen in de
samenleving.
Meer informatie:
- 'Ontregelen; de herovering van de werkvloer' ; Jos van der Lans,
2008
-
www.beroepseer.nl
- www.nvmw.nl
-
www.weekendschool.nl
-
www.josvdlans.nl
Hulpverleners zijn ‘doeners’ en hebben weinig tijd
voor reflectie:
"Instellingen in zorg en welzijn laten hun professionals in de kou staan"
13-11-2008: Professionals staan er vaak alleen voor wanneer zij hulp
verlenen ‘achter de voordeur’. Zij worden steeds vaker op pad gestuurd om
zich te bemoeien met mensen in de privésfeer, zegt Lia Van Doorn, lector
Innovatieve dienstverlening aan de Hogeschool van Utrecht. ‘Zij moeten dan
bijvoorbeeld met ouders van ontsporende kinderen in gesprek over de
opvoeding.
Moresprudentie
Maar wie bepaalt wat goed opvoeden is?’ Wanneer de organisatie globale
richtlijnen geeft en ergens voor staat, geeft dat houvast aan de
professional, stelt de lector. Die ijkpunten krijgen vorm door
bijvoorbeeld met collega’s verschillende cases te bespreken.
Van Doorn: ‘Professionals kunnen hun morele oordeelsvorming met elkaar
scherper krijgen, door ethische kwesties te bespreken en samen vanuit
verschillende perspectieven naar dilemma’s te kijken. Zo vormen ze met
elkaar ijkpunten, dat biedt hun houvast bij hun werk.’ Vergelijkbaar met
juristen die jurisprudentie bespreken, zou er ook een
moresprudentie
moeten
komen. Hierbij slaat mores op moraal, aldus Van Doorn.
Het probleem is echter dat er weinig tijd is voor reflectie. ‘De volle
caseload en het feit dat veel hulpverleners ‘doeners’ zijn en meteen aan
de slag willen, maakt het soms lastig om tijd te maken voor reflectie en
overleg met collega’s. Tegelijkertijd halen professionals juist hun
voldoening uit ingewikkelde situaties met cliënten, waarbij er zich
dilemma’s voordoen, stelt Van Doorn.
‘Hier kunnen ze hun tanden inzetten. Het is juist hun drijfveer om mensen
te helpen als het erop aankomt, op het scherpst van de snede. Dat is
precair werk, daarbij hebben ze ondersteuning nodig.’
Bron: Zorg en Welzijn
Wilt u meer
weten over morele oordeelsvorming in de zorg- en welzijnssector?
Tip 1: het Welzijnsdebat 2008 ging over het thema ‘Moraliseren
Moet! Van ouderwetse betutteling naar nieuwe strengheid’. Lia van
Doorn zei daar: "
Instellingen in zorg en welzijn laten hun professionals moreel in de kou
staan als het gaat om morele oordeelsvorming."
Klik
hier voor een impressie
over dit
debat
Tip 2: Openbare les ‘Sociale professionals en morele oordeelsvorming’ door lector Dr. Lia van Doorn:
Kenniscentrum Sociale Innovatie
|
Zoekt u:
+
advies bij een quick scan van uw
kennismanagement: hoe efficiënt wordt er bij u met kennis omgegaan?
+
training,
advies of bemiddeling bij professionaliseringsvraagstukken?
+
een coach om kwaliteitszorg en kennismanagement in een lerende organisatie te implementeren? (met meerwaarde voor het dagelijks
werk!)
+
advies
of ondersteuning bij uw beleids- en strategieontwikkeling?
+ een auteur/samensteller voor uw beleids- of
profileringnotities/brochures?
+
een
tijdelijke coach of projectregisseur?
Dan biedt
Buitink Beleidsadvies mogelijk een passend aanbod.
Vraag vrijblijvend meer
informatie.
|
Verder op deze site:
-
Tussen de Lijnen
informatie over
ontwikkelingen tussen de
lijnen van de eerste- en tweedelijns geestelijke gezondheidszorg
-
Uitroepteken!
artikelen, meningen, informatie; met
o.a. kennismanagement & kwaliteitszorg,
professionalisering, profilering, etc. Met het accent op
maatschappelijk werk
-
Links
interessante links in
en voor zorg en welzijn
Contact
alle informatie over
Buitink Beleidsadvies.